Dashboard-fases
Op dit scherm bepaalt u zelf hoe uw dossiers op het dashboard gegroepeerd en geteld worden. Het bevat twee losse instellingen die niets met elkaar te maken hebben.
Elke wijziging wordt meteen bewaard
Er is geen bewaarknop. Past u een naam aan of kiest u een andere fase, dan staat het er meteen. Wilt u een koppeling ongedaan maken, klik dan op het kruisje in de keuzelijst.
Deel 1 — Fases
Een fase is een kolom in de pijplijn op het dashboard: een groep dossierstatussen die u samen wil zien staan.
| Kolom | Wat u invult |
|---|---|
| Naam (NL) en Naam (FR) | De naam zoals uw medewerkers hem zien, in beide talen |
| Volgorde | Bepaalt van links naar rechts waar de fase in de pijplijn staat |
| Eindfase | De doorlooptijd van een dossier stopt hier met tellen |
| Opvolging | Het dossier komt in de lijst met openstaande punten ná de akte |
Eindfase is belangrijker dan het lijkt. Een dossier dat zonder gevolg is afgesloten, blijft anders eindeloos "lopen" in uw statistieken. Zet u de fase waarin dat dossier terechtkomt op eindfase, dan stopt de klok.
Opvolging gebruikt u voor fases waar het krediet rond is maar er nog stukken ontbreken — de akte is gepasseerd en er wacht nog een attest. Die dossiers verschijnen dan in het overzicht Globaal overzicht onder Opvolging na akte.
Onderaan de tabel staat een lege regel: vul daar een naam in om een fase toe te voegen.
Deel 2 — Dossierstatussen aan een fase koppelen
Rechts staan al uw dossierstatussen. Kies per status in welke fase hij thuishoort.
- Een status hoort bij hoogstens één fase.
- Koppelt u een status niet, dan komen die dossiers op het dashboard onder niet ingedeeld.
- Statussen die u niet meer gebruikt maar die nog aan oude dossiers hangen, blijven in deze lijst staan. Dat is bewust: die dossiers moeten ergens terechtkunnen.
Deel 3 — Wat betekent elke contractstatus?
Onderaan geeft u per contractstatus aan wat hij betekent: gerealiseerd, in te dienen of ingediend. Daarmee vullen de vier gekleurde tegels bovenaan het dashboard zich vanzelf. Dit staat helemaal los van de fases: fases gaan over dossiers, dit gaat over contracten.
U kiest dus niet rechtstreeks een tegel. Dat kan ook niet: Aktes en LOA tellen allebei gerealiseerde contracten en verschillen alleen in productsoort — hypothecair krediet tegenover lening op afbetaling. Welk product bij welke tegel hoort, ligt vast in uw productenlijst.
Statussen zonder betekenis tellen nergens mee. Staat een tegel op nul terwijl u weet dat er contracten zijn, dan draagt de betrokken status waarschijnlijk nog geen betekenis.
De lijst is gegroepeerd per herkomst
Contractstatussen komen uit drie verschillende lijsten: die van de kredietcontracten, een historische lijst van vóór het contractmodel, en die van de schuldsaldoverzekeringen. Verzekeringsstatussen kan u geen betekenis geven — de kerncijfers zijn kredietcijfers. Ze staan er wel bij, met de vermelding niet van toepassing, zodat u niet zoekt naar een status die u meent te missen.
Waarom staan sommige statussen er dubbel?
In de overgezette gegevens komt het voor dat twee statussen dezelfde naam dragen — bijvoorbeeld tweemaal Zonder gevolg. Dat is geen fout: het zijn twee verschillende statussen uit het vorige programma, elk met hun eigen dossiers. Geef ze allebei dezelfde betekenis, dan zien uw medewerkers er niets van.
